Waait mij nu zoetjes,o zuchtende wind;wiegt mij en douwt mijdat zuilende kind;speelt om zijn wichtelijkaanzichte en laatJesuken rusten: hetslapen nu gaat.Palmen, die roerende enwagende zijt,stilt om mijn kindeke uwtakken nen tijd;engelkes, zoetjes, ach,Jesuken wiltslapen: uw' tonge enuw' harpe nu stilt.
Woorden voor de feestdagen
Kerst- en nieuwjaarsgedichten
Gedichten voor een kerstkaart, een nieuwjaarswens of de jaarwisseling, van Guido Gezelle en Isaäc da Costa. Kort genoeg voor een kaart, mooi genoeg om voor te lezen. Vrij te gebruiken, woord voor woord uit de bron.
De teksten staan in hun oorspronkelijke spelling (zoo, mensch, heemlen). Gezelle schreef in een Vlaams gekleurd Nederlands.
Wat heerlijkheid straalde over Bethlehems velden!Wat hemelsche tonen doorgolven den trans!In de eenzame nachtwaak der kudden ontsteldende herders, omschenen van Godlijken glans!
Een heilig einde, een goed begin,dat geve u God, jaar uit jaar in,'k wil zeggen, — in een woord gezeid, —zoo nu zoo altijd: Zaligheid!
Het jaar is uit-en tendengeleefd:van al zijne oudeellenden en heeftden last het ons ontgeven;het nieuwjaar heeft,van heden af aan,voor elk ende een,een schrede gedaan :wie zal 't tot tenden leven?
Wie is 't, dat blijde en blondgehaardverschijnsel, dat, in 't groen getooid,met lichten terd voorbij mij vaarten looveren langs de lanen strooit?Wie helpt er 't lieve lentekruid,dat wegzit en verdoken al,ten boomgaarde en ter gersvodde uit,op 't hooge veld, in 't leege dal?Wie is 't, die uit den akker haalt't gepriemel van de koorenaar,die wakker wordt en zegepraalt?Wie is 't ? Wie is 't? Het jonge jaar.
Het oud jaar is gekist,genageld en begraven;en 't nieuwe, korts nadien,kwam schielijk aan te draven.Zoo 't oude was, zoo zalwaarschijnlijk 't nieuwe zijn,vervuld van koud en heet,van lieflijkheid en pijn.Een dingen wensche ik u,en mij en allen samen,het oude jaar en 't nieuwte doen, in Godes namen,van aan den eersten dagtot aan den laatsten tuk,een lange keten zijnvan christenweerd geluk.
't Nieuwjaar! Och! 't is altijd 't oude:zitten beven van de koude;dan, deur slijke en moze gaan;later in de zonne braên,als het zwijn zit in de kuipe;'t keerske brandt al in de puipe;en, van zoo de winter fluit,'t keerske is dood, en 't jaar is uit!
Af en toe nieuwe teksten
We voegen regelmatig gedichten en verzamelingen toe. Laat je e-mailadres achter, dan laten we het je weten.
Vrijblijvend. Eén korte mail per nieuwe verzameling, verder niets.